TEXEL – In de weilanden en op de dijken lopen steeds minder schapen. Tien jaar geleden waren er nog 14.000 schapen op Texel, inmiddels zijn dat er nog 9.000. Maar de afname heeft ook nog effect op een ander typisch Texels streekproduct: wol.
“Dat merk ik iedere zomer weer, dat het elk jaar afneemt”, vertelt Sjef Beers. Hij is de enige wolinkoper op Texel. Beers koopt al bijna 50 jaar wol in: “Ik heb het bedrijf in 1977 overgenomen van mijn vader. Ik begon met 30 ton wol per jaar, toen werd het 40 ton wol, later kon ik wel 60 ton wol ophalen op het eiland. Nu haal ik niet eens meer 30 ton wol.”

Martijn de Veij koopt de wol van Beers. In zijn fabriek Texel Wool maakt hij er dekbedden, onderdekens, kussens en matrassen van. “Er zit meer volume in Texelse schapenwol. Dat komt doordat het schaap dat ’s winters op de dijk staat het kouder heeft dan een schaap die in het binnenland staat.” In de wol zitten meer kroezing en luchtdeeltjes, wat zorgt voor goede isolatie, ventilatie en regulatie. “En dat is heel geschikt voor de dekbedden”, vertelt De Veij.
Tekst loopt door onder de video
Hoewel er minder wol op Texel te halen is, heeft De Veij nog wel voldoende voor zijn dekbedden. Hij gebruikt namelijk ook wol van de Texelse schapen die langs de rest van de Nederlandse kust rondlopen. “Als het in die andere gebieden ook minder zou worden, dan gaan we daar wel last van krijgen en zullen we Texelse wol uit het buitenland moeten halen en dat is niet de bedoeling.”

De Veij koopt zijn wol het liefst zo lokaal mogelijk. “Texel is schapeneiland pur sang en zo dragen we ons ook uit.” Hij is blij dat er onder Texelse inwoners animo is om de schapenpopulatie te laten groeien. “We moeten er met zijn allen achter gaan staan om het schaap in het landschap te houden, want dat is voor ons allemaal belangrijk op het eiland.”
Ook Beers vindt het jammer dat hij steeds minder schapen ziet rondlopen in het Texelse landschap: “Het is al veel toerisme, het groene Texel moet je houden.”